zaterdag

Een gevende God



Psalm 10
14 Toch ziet u de pijn en het verdriet,
u merkt het op en weegt het in uw hand.
Op u vertrouwen weerloze mensen,
de wezen, u komt hun te hulp.
Ze was een wanhopige vrouw, weduwe met twee kinderen. Haar man was overleden en liet haar met de schulden zitten. Ze had geprobeerd om haar problemen op te lossen. Op alle mogelijke manieren. Maar nu had ze niets meer, zelfs geen eten meer voor haar jongens. Ze vreesde het ergste.
En op een dag werd haar grootste angst werkelijkheid: de deurwaarder stond op de stoep en eiste zo spoedig mogelijk de rest van het geld. Zou hij dat niet krijgen dan zou hij haar jongens ophalen, zodat die als slaaf konden dienen, tot alles betaald was.
In haar wanhoop rent ze naar he huis van Elia, de profeet, man van God. Ze stort haar hart uit bij hem en vraagt hem om hulp.
Elia stelt een vraag die ze niet had verwacht: Wat heb je in huis? Nou, niets meer, nog een klein beetje olie, dat is alles. Dan geeft Elia haar een opdracht, die vreemd klinkt: Ga naar je buren en andere mensen uit je dorp, vraag om kruiken en kannen, potten en pannen, niet een paar, maar zoveel mogelijk. Verzamel ze in je huis en ga naar binnen met je zonen. Doe de deur achter je dict en ga al die potten vullen met de olie die je nog hebt.
Wetende dat er te weinig olie was om maar zelfs maar 1 kruik te vullen, gaat ze toch aan de slag en verzamelt alles waar maar iets in kan. Dan gaat ze met haar jongens naar binnen en sluit de deur. Ze begint de eerste kruik te vullen met olie en laat de andere kruiken en pannen bij haar brengen. De volle kruiken worden weggezet door de ene zoon en de andere zoon brengt haar de volgende. Zo blijft ze vullen. Op een gegeven moment is alles vol en als ze vraagt om de volgende kruik, zegt haar zoon: Alles is vol, mam. Dan stopt de olie met stromen.
Vol verbazing ziet ze wat er is gebeurd en vervolgens rent ze in verwarring naar Elia en vertelt hem wat ze net heeft meegemaakt. Elia zegt dan: Verkoop de olie en betaal je schuldeisers en van wat er over is kun je verder leven met je zonen.
Wat zal ze die nacht goed geslapen hebben: ze had een God die om haar gaf, die haar problemen had gezien en zich over haar en haar kinderen had bekommerd.
Hij had haar gegeven wat ze nodig had en nog meer. God geeft en geeft en geeft.
Je krijgt niet wat je verdient, je krijgt veel meer. God is geen boekhouder, Hij heeft een gat in Zijn hand! (uit: Jutten, Reinier Sonneveld)
Psalm 72 vers 12 en 13:
        Hij zal bevrijden wie arm is en om hulp roept,
wie zwak is en geen helper heeft.
Hij ontfermt zich over weerlozen en armen,
wie arm is, redt hij het leven.

woensdag

God vindt wat verloren is


Het verhaal van de verloren zoon heeft me altijd erg geboeid. Of eerlijk gezegd: ik heb me altijd enorm geërgerd aan die jongen. En me geïdentificeerd met de jongen die braaf thuis bleef. Vanzelfsprekend zei ik dat niet tegen iemand, want je moest blij zijn als er iemand tot geloof kwam, ook al was het op zijn sterfbed. Dat was meestal ook de uitleg die ik bij dit verhaal kreeg. Net op tijd gered, zeg maar.
De laatste tijd ben ik studie aan het maken over allerlei Bijbelse woorden en onderwerpen die me zo bekend zijn en  bekijk of de uitleg wel in overeenstemming is met wat er staat. Zo ook met dit verhaal. Het staat in de context van de herder die een schaapje kwijt was en het ging zoeken tot hij het gevonden had en de vrouw die een muntstuk kwijt raakte en het zocht tot ze het gevonden had. Lukas 15.
Ik heb altijd gedacht dat het begrip verloren betekende dat het voorgoed niet meer te redden was. Maar als er iets verloren is dan is er dus ook iemand die iets kwijt is: de herder is een schaapje kwijt, de vrouw is een muntstuk kwijt en in het verhaal van de verloren zoon is de vader zijn zoon kwijt. Kun je het zo zeggen dat als een mens verloren is, er ook een Vader is die die mens kwijt is?
Ze zoon gaat erg ver: eigenlijk verklaart hij zijn vader dood. Want je krijgt normaal gesproken toch pas een erfenis als de persoon dood is. Nu wil hij die erfenis al hebben om te gaan feesten en beesten.
En wat lees ik? Een dramatisch bekeringsverhaal? Nee, helemaal niet. Zelfs een geniaal manipulatief plannetje: de zoon vergaat van de honger en weet waar er eten is: bij zijn vader. Dus bedenkt hij wat hij zal zeggen, zodat zijn vader hem eten gaat geven: iets over zondigen tegen God gaat er altijd in bij die vader. En dat hij voortaan wel zijn knecht wil zijn, want als zoon is hij onwaardig.
En wat doet de vader? De vader staat elke dag op de uitkijk of z'n zoon misschien komt: als hij hem ziet rent hij hem tegemoet, omhelst hem en laat hem niet eens uitspreken. Er komt een feest, want: ik was mijn zoon kwijt en heb hem weer terug.
Tegen de thuis gebleven zoon laat hij merken dat beide zonen hem evenveel waard zijn en er alle reden tot feesten is. Dramatisch voor de zoon die altijd thuis bleef en zich uitsloofde. Wat had hij eigenlijk in gedachte? Dat zijn broer verloren was en niet meer gevonden zou worden, voorgoed zou verdwijnen uit het leven van de brave borst? Waarom ergerde hij zich aan die broer? Waarom ergerde hij zich aan die liefhebbende vader?
Moet ik misschien anders naar de Vader gaan kijken? Anders naar mijn broeders en zusters, naar de mensen in de wereld die de Vader niet (meer) kennen als Vader? Hoe kijkt God naar deze mensen?
Hij is ze verloren. Volgens dit verhaal heeft Hij maar 1 wens: deze mensen terug vinden.
Ezechiël 34 vers 16:  15 Ikzelf zal mijn schapen weiden en ze laten rusten – spreekt God, de HEER. 16 Ik zal naar verdwaalde dieren op zoek gaan, verjaagde dieren terughalen, gewonde dieren verbinden, zieke dieren gezond maken – maar de vette en sterke dieren zal ik doden. Ik zal ze weiden zoals het moet.

Tradities en dogma's

Soms vraag ik me wel eens af waarom ik sommige dingen geloof? Is dat omdat de Bijbel dat zo zegt, of omdat er ergens in de geschiedenis een traditie of dogma is ontstaan, wat we met z'n allen zijn gaan geloven als bijbels geloof? Ik kwam een artikel tegen op mijn zoektocht en daarin beschrijft de maker van het artikel duidelijk wat de bijbel zegt (de oorspronkelijke tekst) en wat wij als evangelische en/of orthodoxe christenen geloven. We hebben er in veel gevallen iets heel anders van gemaakt. Dat wordt dan een vaststaand iets en begoten met teksten, ervaringen en kijk eens aan: het ware geloof is ontstaan. Maar in werkelijkheid staat er heel iets anders heb ik ontdekt. Maar vreemd is het wel, want als ik de teksten neem zoals ze er staan dan kom ik tot een heel andere bijbeluitleg.
Hier is de link:  Ontdek het zelf!!

zondag

Recht zijn of recht doen

Amos was een profeet uit het oude testament en wat er geschreven staat is allereerst voor het volk Israël geschreven. ( offers brengen) Als je het boek goed leest, merk je, dat veel uiterlijke schijn: wel offers brengen, maar er was geen zorg voor de weduwen en wezen en arme mensen. Er was geen recht naar de minder bedeelden. Voor God kan dat niet. Bij Hem is zeggen, dat je van Hem houdt ook doen wat Hij zegt. Het gaat er niet om , dat God iets eist van je, maar Hij wil alle liefde van je hart. God is geen dictator, maar Hij wil een Vader voor je zijn. Dat geldt ook in onze tijd, lees de brief van Jacobus maar eens. Maar ook wat Jezus zegt: Het belangrijkste gebod is: heb God lief boven alles en het tweede daaraan gelijk is: heb je naaste lief als jezelf. 
Doe recht aan anderen, doe wat je beloofd hebt, als je zegt een christen te zijn, leef er dan ook naar. Dat is volgens mij de bedoeling.


De  jaren die voorafgingen aan de profetieën van Amos was er  relatief veel rust en vrede in Israël. Toch was deze welvaart schijn.  Er gebeurde iets in Israël, wat God verschrikkelijk vond. De mensen deden niet wat God van hen vroeg, want de armen werden onderdrukt, de zwakken geïntimideerd en wees en weduwen werden aan hun lot overgelaten. Religie was uiterlijke schijn en men leidde  een corrupte manier van leven.
Amos was een schaapherder uit Tekoa en God riep hem om Zijn wil bekend te maken in Israël. Het feit, dat hij uit een klein stadje in het zuiden van Israël kwam en niet officiëel was opgeleid tot profeet, bemoeilijkte zijn roeping. 

Maar God maakte hem duidelijk, dat Hij niet onder de indruk is van uiterlijk vroom vertoon en zonder werkelijke liefde voor Hem. Dat was wat hij moest gaan vertellen aan het volk. 


Amos laat duidelijk zien, dat God de heerser is van de geschiedenis, verleden, heden en de toekomst. God is geduldig, rechtvaardig en onpartijdig.  Amos wijst het volk erop dat God een relatie wil met zijn volk en vraagt om een rechtvaardig leven van hun kant. Hij had Israël op een bijzondere manier gezegend, Hij had hen de wet gegeven, Hij had de tempel laten bouwen en woonde bij hen. 

Toch laat Amos zien, dat het volk geen liefde voor God heeft, ondanks het brengen van de voorgeschreven offers, want het volk leeft niet zoals God dat wil. Ze zijn corrupt, wreed, oneerlijk, diefstal, egoïsme, bedrog en onrecht,
Amos wijst het volk dan op het oordeel, dat zal komen als ze op die manier doorgaan. Hij zegt dat God huilt over de zonden van de mensen en geen plezier heeft in het oordeel.
God vraagt zelfs of ze willen stoppen met het brengen van offers in schijnheilige vroomheid. Het is beter, dat ze goed zijn voor wees en weduwe, eerlijk handel drijven, geen overspel bedrijven en rechtvaardig zijn: Zoekt het goede en niet het kwade, opdat gij leeft en aldus de Here, de God der heerscharen, met u zij, Amos 5 vers 14.
Voor mij is de belangrijkste tekst Amos 5 vers 21 - 24. Daar zegt God, dat Hij de feesten en samenkomsten van de Israëlieten niet kan luchten of zien, omdat ze zeggen te geloven, maar dat niet zichtbaar is in hun daden. God wil, dat er recht gedaan wordt: Ik haat, Ik veracht uw feesten en kan uw samenkomsten niet luchtenMaar laat het recht als water golven en gerechtigheid als een immer vloeiende beek.


dinsdag

Kerkgebouwen en gemeente-zijn


Wat is gemeente zijn?

Als je mensen vraagt naar hun ervaringen met de kerk krijg je veel verschillende antwoorden.
Hoewel in Nederland veel mensen niet (meer) naar de kerk gaan hebben ze er wel een menig over. Die mening is meestal niet zo positief.

 Ervaringen van mensen met de kerk(mensen)


Veel mensen hebben slechte ervaringen met de kerk of met de mensen, die de kerk vertegenwoordigen. Veel christenen zijn afgehaakt. Veel van deze ervaringen zijn:
  • Veroordelend
  • Opdringerig
  • Oneerlijk
  • Geen aandacht voor anderen
  • Vol huichelaars
Dit zijn veel negatieve ervaringen en gelovig zijn  zou je leven ernstig beperken. De meeste oordelen zijn gemaakt door mensen, die alleen naar de kerken in hun omgeving en in deze tijd kijken. Dat is wel veelzeggend. Kennelijk zijn christenen erg snel in het veroordelen van anderen, het benoemen van wat wel en niet mag, vooral naar de ander toe. Men bepaalt dat je naar de kerk moet, in sommige gemeentes zelfs twee keer per zondag.
Veel mensen weten niet, dat de Bijbel het helemaal niet heeft over kerken of gebouwen of 1 of 2 keer naar de kerk gaan. Ook kent de Bijbel geen dominees, pastoors of koorknapen. Waar ging het eigenlijk om in de Bijbel? Wat is de bedoeling van als je christen wordt?

Wat zegt de Bijbel over christenen en gemeente-zijn?

Als je de Bijbel leest en dat vergelijkt met de praktijk van alle dag, dan merk je dat er grote verschillen zijn. Waarom is de Bijbelse praktijk zo heel anders dan wat wij gewend zijn en nog normaal vinden ook? Ga eens kijken wat de eerste gemeente was, wat ze deden en hoe ze met elkaar, maar vooral ook met de mensen in nood om gingen.
 Handelingen 2 vers 43 - 47: 43 De vele tekenen en wonderen die de apostelen verrichtten, vervulden iedereen met ontzag. 44 Allen die het geloof hadden aanvaard, bleven bijeen en hadden alles gemeenschappelijk. 45 Ze verkochten al hun bezittingen en verdeelden de opbrengst onder degenen die iets nodig hadden. 46 Elke dag kwamen ze trouw en eensgezind samen in de tempel, braken het brood bij elkaar thuis en gebruikten hun maaltijden in een geest van eenvoud en vol vreugde. 47 Ze loofden God en stonden in de gunst bij het hele volk. De Heer breidde hun aantal dagelijks uit met mensen die gered wilden worden. Als ik dit lees, dan krijg ik een heel ander beeld van gemeente-zijn en ook hoe christenen met elkaar om horen te gaan. De eerste christenen:
  • Ze waren toegewijd aan Gods Woord, ze hadden veel contact met elkaar, om samen te eten en te bidden
  • Ze waren vol ontzag voor God
  • Ze hadden alles gemeenschappelijk
  • De mensen verkochten vrijwillig hun bezittingen en hielpen mensen in nood
  • Ze ontmoeten elkaar dagelijks
  • Ze aten thuis bij elkaar
  • Ze prezen God voor alles
  • Ze stonden goed bekend bij de mensen
Dat is nogal wat anders dan koude kerkgebouwen en in banken zitten wekelijks en elkaar niet eens bij de naam kennen. Zingen en luisteren naar 1 persoon, die jaren geleerd heeft om dit te mogen doen. In de eerste gemeente was dat anders. Als ze bij elkaar kwamen had iedereen wat: een psalm of een lied, iets te zeggen over zijn geloof, een profetie of iets om anderen te bemoedigen. Alles wat gezegd of gezongen werd, gebeurde om elkaar te versterken in het geloof. God gaf hen liefde voor elkaar, om met elkaar mee te kunnen leven, vriendelijkheid, geduld, elkaar kunnen vergeven als er wat was. Dat betekent, dat ze elkaar ook wel eens kwetsten of pijn deden, maar de onderlinge liefde hield hen samen. Ze waren een lichaam en hielden elkaar vast, omdat het Woord van Christus in hen was en ze ernaar leefden.





zondag

Het wiel opnieuw uitvinden

Theologie heeft ons niet veel goeds gebracht. Dat durf ik uit eigen ervaring te zeggen. Het heeft wel heel veel ellende gegeven: dogma's, stellingen over allerlei onderwerpen, tradities, superioriteitsgevoelens, liefdeloosheid, drempels leggen waar andere christenen over struikelen, voorwaarden stellen aan mensen om lid te kunnen worden van "hun" kerk, mensen vernederen als ze er anders over denken en hen de kerk uitgooien. Kortom: drama's!
Het kan ook zijn dat ik het anders moet verwoorden: er is soms wel veel geloof, maar dat verstarde en verhardde, omdat de liefde verdween. Zonder liefde wordt geloof fanatiek en dat drijft mensen uit elkaar. En zonder liefde kan God niet werken, want de liefde komt uit God. Als ik God heb leren kennen als de Schepper van alles, weet dat Hij mij liefheeft, dan geldt dat niet alleen voor mij, maar ook voor de ander. Ik moet dus leren de ander te accepteren zoals hij is en zoals hij denkt. Want waar haal ik het recht vandaan om mijn mening beter en bijbelser te vinden dan de mening van de ander. Dat is best moeilijk, want ik ben soms erg overtuigd van mijn eigen mening. Toch is het intyeressant om er achter te komen waarom de ander tot een andere mening komt.
Maar de meeste christenen vinden dat helemaal niet interessant. Als je bijvoorbeeld naar een gemeente gaat met de instelling dat de doop met water (onderdompeling) de enige ware doop is dan kun je het vergeten om er ooit lid van te kunnen worden.
Daar kom ik op een andere traditie: lid worden van een gemeente, hoe (on)bijbels is dat eigenlijk? Word je niet automatisch lid van de gemeente, het Lichaam van Christus, als je tot geloof komt? Wie durft mij dan andere voorwaarden te stellen?
In een van mijn artikelen probeer ik duidelijk te maken dat ik er achter ben gekomen dat de waterdoop voortkomt uit de Joodse traditie en dat er in de brieven van Paulus niets over wordt geleerd.

Ik wil me niet laten dopen (link) Nu is het hebben van deze mening gevaarlijk, want naar zoiets hoeft men niet te luisteren, want het wordt bij voorbaat als ketterij gezien. Ik heb dan ook nog niet meegemaakt dat er op een serieuze manier naar me geluisterd is.
Blijf je deze mening houden, dan gaat men je negeren en vernederen: jij bent er dus nog niet aan toe, ik zal voor je bidden. Misschien opent de Heer je ogen.
Is er iets ergers dan dit te moeten horen? Waarom moet ik een baptistisch ingestelde christen wel serieus nemen of een kinderdoper? Omdat ze mijn broeders en zusters zijn en lid zijn van het Lichaam van Christus. En daarom zou het fijn zijn als men mij als niet-doper ook eens serieus nam. Ook ik ben er door bijbelstudie en bidden achter gekomen dat je gedoopt wordt in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest op het moment dat je tot geloof komt. Daar komt geen water aan te pas.
En niet alleen serieus nemen, maar ook aanvaarden in Christus. Mijn visie hierop is niet beter dan die van de ander, maar zeker ook niet minder.
Misschien vind je dat ik het wiel opnieuw aan het uitvinden ben, want over theologie is immers alles al gezegd? Dan is dan maar zo.